De Jonge Akademie

Ga direct naar de inhoud
Ga direct naar de site navigatie
Ga direct naar zoeken

Het gebruik van menselijke embryo

31 mei 2014

Niemand zal het zijn ontgaan dat men de afgelopen dagen in Europa naar de stembus is gegaan. Minder aandacht is er geweest voor een openbare hoorzitting in Brussel, eerder deze maand, van het burgerinitiatief “One of Us”. Dit burgerinitiatief roept de EU op om onderzoek met menselijke embryo’s niet langer te financieren. Dit artikel is eerder verschenen op de opiniepagina van de Volkskrant op 28 mei.

Aangezien de benodigde hoeveelheid handtekeningen voor het indienen van een burgerinitiatief (>1 miljoen) behaald is moet de Europese Commissie vóór 28 mei inhoudelijk reageren.

Wij maken ons grote zorgen over de negatieve gevolgen van dit burgerinitiatief voor het onderzoek naar onvruchtbaarheid en het humane stamcelonderzoek. Onderzoek naar onvruchtbaarheid en nieuwe voortplantingstechnieken heeft als doel om mensen met vruchtbaarheidsproblemen op een effectieve en veilige manier in staat te stellen om kinderen te krijgen. Het gebruik van door patiënten gedoneerde menselijke embryo’s is daarbij onontbeerlijk en het burgerinitiatief stelt dit direct ter discussie.  

Belangrijke bouwstenen

Daarnaast zijn stamcellen belangrijke bouwstenen in de ‘regeneratieve geneeskunde’, een innovatieve tak van de geneeskunde waarbinnen artsen en onderzoekers trachten het lichaam zichzelf te laten genezen van ernstige ziektes. Stamcellen zijn er in verschillende soorten en maten, maar er is één type onderzoek dat door het burgerinitiatief met name wordt bedreigd: het embryonale stamcelonderzoek. Menselijke embryonale stamcellen zijn in staat om uit te groeien tot elk celtype in het menselijk lichaam. Om die reden willen wetenschappers juist deze cellen inzetten om nieuwe weefsels en organen te laten groeien, ter (gedeeltelijke) vervanging van eigen weefsels die beschadigd zijn door ziekte. Embryonale stamcellen zijn derhalve van cruciaal belang voor medisch-wetenschappelijk onderzoek en de ontwikkeling van nieuwe interventies in de volle breedte van de geneeskunde.

Morele Status

Onderzoek met embryonale stamcellen is veelbelovend, maar gaat ook gepaard met ethische uitdagingen, onder andere omdat deze cellen afkomstig zijn uit vroege embryo’s die ten gevolge van het onderzoek verloren gaan. Hoe dit gewaardeerd moet worden hangt af van de morele status die iemand toeschrijft aan het vroege embryo. Het burgerinitiatief “One of Us” lijkt uit te gaan van een absolute morele status van het embryo vanaf de conceptie. Wij daarentegen gaan uit van een toenemende beschermwaardigheid van menselijke embryo’s. Deze visie sluit aan bij een breed gedeelde morele intuïtie dat aan het verloren gaan van preïmplantatie embryo’s van enkele dagen oud een ander gewicht toegekend moet worden dan het verloren gaan van een foetus bij bijvoorbeeld 18 of 32 weken. Dit is ook het uitgangspunt in het Nederlandse beleid en wetgeving omtrent onder andere abortus en vruchtbaarheidsbehandelingen.
            Bovendien toont de huidige praktijk in de voortplantingsgeneeskunde een brede maatschappelijke acceptatie van het gebruik en verloren gaan van vroege embryo’s. Immers, wanneer we spreken over onderzoek met embryo’s betreft het altijd embryo’s die ontstaan zijn tijdens een vruchtbaarheidsbehandeling met als doel een zwangerschap te bewerkstelligen. Deze zogenaamde preïmplantatie embryo’s zijn maximaal 5 tot 6 dagen oud en bevatten slechts enkele tientallen cellen. Wanneer een koppel de voor hen gecreëerde embryo’s niet langer wil gebruiken voor het bewerkstellingen van een zwangerschap (bijvoorbeeld omdat ze reeds zwanger zijn geworden) zijn er drie mogelijkheden: 1) donatie aan een ander koppel met vruchtbaarheidsproblemen, 2) vernietiging, of 3) ter beschikking stelling aan de wetenschap voor onderzoek naar onvruchtbaarheid of embryonaal stamcelonderzoek. Welke van deze drie opties wordt gekozen wordt, terecht, bepaald door het koppel.

Zorgvuldig ethisch debat

Onderzoek met menselijke embryo’s vergt altijd zorgvuldig ethisch debat en beraad. We moedigen dan ook aan om onderzoek te blijven doen naar en met andere (niet-embryonale) typen stamcellen, waar mogelijk. Maar bedenk ook: er zijn in de EU en in Nederland al verschillende wettelijke regelingen en afspraken om gebruik van menselijke embryo’s voor onderzoek zeer zorgvuldig te laten plaatsvinden. Zo hebben we in Nederland een speciale Embryowet en is er een Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO) die alle onderzoeksaanvragen m.b.t. menselijke embryo’s uitgebreid toetst. Alleen onder strenge voorwaarden mogen menselijke embryo’s gebruikt worden voor onderzoek, zoals toestemming van het koppel, het niet beschikbaar zijn van onderzoekalternatieven die het gebruik van embryo’s zouden kunnen omzeilen en een zorgvuldig uitgewerkt wetenschappelijk protocol.

Wij vinden, gegeven de genoemde grote voordelen voor de geneeskunde en de uitgebreide en zorgvuldige regelgeving, dat het gebruik van menselijke embryo’s voor onderzoek niet principieel onwenselijk is. Sterker nog, we moedigen de Europese Commissie aan om het belang van het gebruik van menselijke embryo’s voor medisch-wetenschappelijk onderzoek sterk mee te laten wegen in hun besluitvorming naar aanleiding van het burgerinitiatief “ One of Us”.


Ga terug naar de bovenkant van deze pagina
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie
Ga terug naar zoeken