De Jonge Akademie

Ga direct naar de inhoud
Ga direct naar de site navigatie
Ga direct naar zoeken

Week 31: dagboek van Matthijs van Veelen

25 april 2013

Matthijs van Veelen, fotografie Milette Raats

Weekdagboek van een wetenschapper: Matthijs van Veelen (UvA) van 15 tot en met 21 april 2013. Matthijs onderzoekt de evolutie van altruïsme en moraliteit. Hij gebruikt daarbij de evolutionaire speltheorie.

Maandag

Marathon
Normaal gesproken werk ik bij CREED, het laboratorium voor experimentele economie op de UvA. Sinds november zit ik, voor een tijdje, op het Program for Evolutionary Dynamics. Dat is in Boston. Maandag 15 april werd dan ook overschaduwd door de bomaanslag. De Boston Marathon wordt elk jaar op Patriots’ Day gehouden. Dat is een officiële vrije dag in Massachusetts, en het hele festijn is zo ongeveer de marathon van Rotterdam en de Dam-tot-Dam loop bij elkaar, plus een vleugje Koninginnedag. In de aanloop is er altijd van alles over te doen, historische winnaars staan in de krant, er wordt gebaald dat het traject te veel afloopt om een officieel wereldrecord op te kunnen lopen, en hier en daar hangt er in het marathon-weekend al een bescheiden vorm van opwinding. Het is ’s werelds oudste jaarlijkse marathon, en dat willen ze weten.

Ik was er niet bij, want ik zat gewoon te werken. De ringtone van Skype ging, en mijn zus vroeg, voorzichtig bezorgd, hoe het ging. Ik wist nog van niks, maar zowel de site van het NRC en die van de Boston Globe bevestigden dat er inderdaad iets ergs was gebeurd. Het nieuws creëert een soort vacuüm. Wat moet je doen, als je weet wat er gebeurd is? Er waren maar een paar collega’s, en na bij elkaar binnen te lopen, en wat te bellen naar mensen, zijn we maar weer verder gegaan met werken, met een half oog op het nieuws. Het is raar om maar door te gaan, terwijl elders in de stad mensen naar ambulances worden gedragen, ledematen worden geamputeerd, en de zoektocht naar de daders begint. Maar er is niet echt een passende actie, en bij gebrek aan iets wat ergens op slaat, zijn we maar weer achter ons bureau gaan zitten. Je moet toch wat.

Ik heb tot redelijk laat doorgewerkt, en ben daarna de licht onwerkelijke buitenwereld ingestapt. Op straat is het wel rustiger dan anders, en heerst er een beetje ongemak, maar, raar genoeg, ook weer niet te veel. Dat alles er best normaal uitziet is natuurlijk normaal, maar daarom ook raar. De meeste mobiele gesprekken gaan over dat het met iedereen OK is, hoe ver iedereen er vandaan was, dat we vorig jaar zelf nog de marathon liepen, en hoe het nergens op slaat. Maar de zon schijnt nog, eigenlijk een goed einde van wat een prachtige dag had kunnen zijn. Mijn vaste leuke, lekker vage, maar heel goed lopende ekologiese restaurantje heeft de deuren vervroegd gesloten, dus ik ga ergens anders eten, waar het ook erg rustig is. Thuis kijk ik met mijn huisgenoot nog meer nieuws. Dezelfde beelden worden eindeloos herhaald, de oudere meneer in het oranje valt steeds weer op het asfalt, elke keer weer komen er drie politiemensen met gele hesjes bij. Veelal met betekenisloos commentaar, maar dat is natuurlijk goed te begrijpen. Ook als er op een gegeven moment niet veel nieuws meer over valt te zeggen, is het toch te groot om niet over te praten.

Dinsdag

BIC
Misschien dan toch even iets over waar ik gister mee bezig was, en vandaag ook. Of eigenlijk vooral even over het gereedschap. Mijn belangrijkste gebruiksvoorwerp is een balpen. Het is een BIC, de M10 Blauw, maar dan wel het nieuwe model met een iets fijnere punt dan de oude versie. 39 eurocent per stuk, exclusief btw. En soms ook een rode, maar die heeft nog gewoon de oude, iets dikkere punt. Die gebruik ik ook voor het nakijken van tentamens. Daarnaast natuurlijk papier. Mooie, lege, witte vellen, maar ook blocnotes, achterkanten van brieven of oude tentamens, gebruikte enveloppen, van binnen en van buiten, en achter op bonnetjes. Voornamelijk volgeklad met doodlopende paden, mislukte tekeningen, en niet lekker uitkomende formules, maar een enkele keer toch ook met een mooi plaatje of een aardige vinding. Gelukkig is er ook een laptop met daarop Mathematica, een fijn rekenprogramma dat onder andere differentiaalvergelijkingen oplost, en Scientific Workplace, ook heel handig.


Gisteren was ik met de blauwe en rode BIC bezig, toen het nieuws kwam. En vandaag weer, maar daarvoor ben ik ‘s ochtends eerst een stukje gaan rennen in de Middlesex Fells Reservation. Dat is een prettig stukje bos, iets ten noorden van waar ik woon, op loop- dan wel fietsafstand. Eerst 20 minuten naar het bos, dan ruim 30 er in, en dan weer 20 terug. Tijdens het rennen kom ik soms op goede ideeën, soms ook niet, maar in elk geval is het een prettig begin van de dag. Een beetje gelopen als een oude krant vandaag, maar goed. Verder ’s middags nog een afspraak bij de International Office voor visa-gedoe; het mijne loopt over een dikke maand af, maar ik mag en wil eigenlijk nog wel iets langer blijven. Door de visa-afspraak mis ik bijna de hele wekelijkse seminar.

Woensdag

Herhaling, fouten en efficiëntie
Ik ben deze dagen voornamelijk bezig met evolutie in herhaalde spelen. Dat is mijn vakgebied: evolutionaire speltheorie. Speltheorie is groot in de economie – we herinneren ons allemaal A Beautiful Mind nog wel – en in de jaren 90 was de evolutionaire variant daarvan helemaal hip. Daarna is het enthousiasme voor de evolutionaire speltheorie binnen de economie een beetje gedaald, maar niet verdwenen. En binnen de biologie is er natuurlijk ook belangstelling voor.
Een van de vragen in de jaren 90 was hoe de evolutie leidt tot efficiëntie, bijvoorbeeld in het herhaalde prisoners’ dilemma – je weet toch! (Als je twee evenwichten hebt, en in het ene evenwicht is iedereen beter af dan in het andere, dan noemen economen het ene evenwicht efficiënt en het andere niet. Even voor de zekerheid). Op die vraag hebben de grote speltheoretici op de economie faculteiten van Harvard en Yale hun eigen, verschillende antwoorden. De grote man van Yale heeft een theorie die impliceert dat als complexiteit niet gratis is – moeilijkere strategieën kosten een heel klein beetje meer dan eenvoudige – evolutie waarschijnlijk leidt tot evenwichten waar iedereen altijd samenwerkt. Hier op Harvard zitten de auteurs van een mooi technisch paper dat beweert dat een hele kleine kans of fouten bij het uitvoeren van strategieën er voor zorgt dat de efficiënte, “goede” evenwichten, waarin iedereen altijd samenwerkt, worden geselecteerd.

Sinds een tijdje hebben wij een theorie, die impliceert dat die vraag eigenlijk niet helemaal goed gesteld is. De vraag gaat er namelijk vanuit dat evolutie inderdaad tot efficiëntie leidt, en gaat op zoek naar hoe dan. En wij denken goede redenen te hebben waarom bij herhaalde interactie net zo goed inefficiënte evenwichten kunnen komen bovendrijven. Maar om de grote (evolutionaire) speltheorici daarvan te overuigen, is nog best een klusje. En bovendien moet ik daarvoor vooral hun theorie goed begrijpen. En dat ben ik nu aan het proberen. Lastig! De baas van het Program for Evolutionary Dynamics is Martin Nowak. Het programma valt half onder wiskunde, half onder biologie, maar omdat evolutie best interdisciplinair is, wordt er ook veel samengewerkt met economen. De cursus die het programma elk jaar aanbiedt, wordt dan ook door veel economen gevolgd. Martin is makkelijk overtuigd dat efficiëntie niet noodzakelijk is, maar de mensen hier bij economie laten zich waarschijnlijk niet zo makkelijk ompraten.


Donderdag

The book of Mormon
June en ik gaan ’s avonds naar The Book of Mormon, de musical door de makers van South Park. Het is behoorlijk grappig, goed gedaan, en ook het operagebouw, waar het is, is nieuw voor mij. Het geluid kan beter – beetje hard en schel – maar het is desondanks heel goed door te komen. Vooral de vrouwelijke hoofdrolspeler kan mooi zingen, en het is heel erg geestig.
Voordat we gaan, zien we op het nieuws de beelden van de twee verdachten van de aanslag, met de vraag aan het publiek om tips aangaande hun identiteit. Best snel, en het lijkt ons dat het niet heel lang kan duren voordat dit wordt opgelost.
Als we terug komen, kijken we geen nieuws meer. De volgende ochtend blijkt dat de vermoedelijk daders van de bomaanslag een 7/11 hebben overvallen op Central Square, en een politieman op de MIT Campus hebben doodgeschoten. Daarna is er een vuurgevecht met de politie geweest, waarbij een van de twee is omgekomen.
Dat brengt het toch weer wat dichterbij. Op Central Square kom ik bijna elke dag, en ook de MIT campus ben ik wel met enige regelmaat.

Vrijdag

Watertown
De jacht op de tweede verdachte is nog steeds gaande. De achtervolging heeft tot ergens in Watertown geleid, en daar wordt nu met man en macht gezocht. Dat is heel dicht bij June, en, naast dat de Universiteit dicht is, is het advies sowieso om binnen blijven. Dat doen we dan maar. Naast veel live tv kijken, besteed ik de dag verder aan het (beter) lezen en beoordelen van twee artikelen voor wetenschappelijke tijdschriften, het schrijven van de rapportjes, en het Skypen met twee coauteurs. Zij hebben, onafhankelijk van elkaar, een soortgelijk groepsselectiemodel gebouwd – echt te gek – en nu proberen we met behulp daarvan een oude controverse te beslechten. Groepsselectie is sowieso een controversieel onderwerp. Er zitten dus veel haken en ogen aan de presentatie daarvan, en we moeten zeer zorgvuldig te werk gaan. Maar het is ook heel opwindend dat de tijd blijkbaar rijp is voor Group Selection 2.0, en alle mooie evolutionaire dynamiek die daar bij hoort.
En dat kan gelukkig allemaal gewoon vanuit huis.

’s Avonds wordt ook de tweede verdachte gevonden, in een boot in de achtertuin van een gezin in Watertown. Hij leeft nog. Op een rare manier gelukkig, want we willen antwoorden, maar ook omdat de oudere broer voorlopig meer naar voren komt als de kwade genius. Of de kwaadste genius. 
We mogen later op de avond, als de jongere broer is gearresteerd en afgevoerd naar het ziekenhuis, wel weer gewoon naar buiten. Maar raar genoeg hebben we na een hele dag binnen zitten daar eigenlijk helemaal geen zin meer in. We proberen iets te eten te bestellen, maar dat lukt niet – natuurlijk, want de stad heeft de hele dag op zijn gat gelegen. Gelukkig hebben we tussen de middag al warm gegeten, en doen we dan maar een extra ontbijtje.

Zaterdag

Lente
Ontbijt met pannenkoeken in de stad. We lopen er heen, er is bloesem, de lente lijkt begonnen. ’s Middags thuis een beetje hangen, lachen om het commentaar op het taalgebruik in het koningslied, klein beetje eredivisie, en zo nog wat Nederland gerelateerde dingen.

Zondag

Fahrenheit
Het is alweer heerlijk zonnig, maar toch komt de temperatuur niet boven de 45 graden. Lekker lang rennen in het bos – 1 uur drie kwartier, gelukkig iets minder oude krant dan dinsdag. ’s Middags lezen in Why Nations Fail en een paar uur Skypen met coauteur over een project dat nog helemaal in de beginfase is.

 

 


Ga terug naar de bovenkant van deze pagina
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie
Ga terug naar zoeken