De Jonge Akademie

Ga direct naar de inhoud
Ga direct naar de site navigatie
Ga direct naar zoeken

Week 19: dagboek van Jeroen Geurts (deel 2)

28 januari 2013

Weekdagboek van een wetenschapper: Jeroen Geurts (Vrije Universiteit medisch centrum) van 14 tot en met 20 januari 2013. Jeroen doet onderzoek naar neurodegeneratieve aandoeningen en cognitieve stoornissen.

Donderdag

8.15 uur en ik loop al achter. Meestal vind ik die drukte lekker, maar nu heb ik het even gehad met alle regeldingen. Ik zeg een niet strikt noodzakelijke afspraak af, neem een kop koffie, pak mijn iPad en ga zitten op de gifgroene zitzak die sinds kort naast mijn bureau staat. Het volgende uur blader ik door de nieuwe wetenschappelijke artikelen op PubMed; de zoekmachine voor publicaties op mijn vakgebied. Ik ben weer opgeladen en vol van energie als ik ermee ophoud.

Mijn werk bestaat voor een deel uit het doen en begeleiden van onderzoek, voor een deel uit het geven van onderwijs en voor een deel uit beleid en organisatie. Ik vind deze aspecten alle drie leuk en uitdagend, maar je moet goed jongleren om alle ballen in de lucht te houden. Daarnaast is er Brein in Beeld en De Jonge Akademie; twee clubs waar ik veel energie van krijg. Ik heb het altijd belangrijk gevonden om wetenschap te vertalen naar een breder publiek. Het begon met twee boeken over hersenen en daarna jarenlang lezingen, debatten en columns. Ik vind dat goede wetenschap midden in de maatschappij staat en haar werk doet met informatie die uit de maatschappij afkomstig is.

Er is de laatste tijd veel debat geweest over ‘de vrije wil’. Volgens enkelen van mijn collega-neurowetenschappers hebben we die niet. Dat is denk ik een vergissing die is ontstaan doordat er van tevoren niet goed is nagedacht over wat er nou precies onder dat begrip wordt verstaan. De definitie van de neurowetenschappers komt niet overeen met de perceptie van veel andere expertisegebieden, zoals het het recht en de psychiatrie, noch met de opvatting van ‘de gewone man’. Het is dus niet een erg ‘rijke’ definitie. Misschien is dit mijn filosofische inslag, maar dat soort misvattingen kosten tijd en geld en we kunnen ze denk ik voorkomen door breder over dit soort wezenlijke concepten te praten. De Jonge Akademie en Brein in Beeld werken samen aan het stimuleren van interdisciplinair werk in de wetenschap. Kijk, daar loop ik nu warm voor! Wat een geannuleerde afspraak al niet kan doen: ik heb het gevoel dat de regie weer van mij is deze dag, die vervolgens geheel volgens plan verloopt.

Vrijdag

Vrijdagochtend begint altijd met een overleg met mijn secretaresse. We nemen de komende week door, handelen verzoeken af, ik teken papieren, we spreken geplande reizen door en ook stukken voor vergaderingen. Daarna is er groepsbespreking, van 10 tot 12 uur. Ik leid de onderzoekssectie Klinische Neurowetenschappen, een zeer diverse club onderzoekers. Divers, omdat ze allemaal andere achtergronden hebben. We hebben biologen, biomedici, artsen, psychologen en zelfs een theoretisch fysicus. Die brede oriëntatie heb ik bewust zo gekozen en die houd ik in stand. Mijn leerstoel is ‘translationele neurowetenschappen’, wat betekent dat ik onderzoek in het laboratorium en onderzoek dat in het ziekenhuis plaatsvindt met elkaar moet kunnen verbinden. Interessante observaties bij patiënten met een neurologische aandoening moeten vertaald kunnen worden naar een empirisch toetsbare preklinische setting, waarbij hersenscans en netwerkanalyse, maar ook genetica en weefselonderzoek een rol spelen. Dat vergt wel wat van mijn team: ze moeten steeds blijven investeren in de communicatie onderling en hun vermogen om bruggen te slaan tussen hun eigen expertise en die van hun directe collega’s wordt constant op de proef gesteld. Het vervult me met trots om te zien dat het echt lukt, dat onderlinge vertalen en bruggen slaan. Interdisciplinariteit vereist discipline (no pun intended), maar het kan echt en werkt dan fantastisch. We bespreken verschillende projecten, geven elkaar advies en discussiëren over de beste aanpak. We doen ook altijd een ‘roast’ op het einde. Ontzettend leuk en leerzaam. Eén van de promovendi of postdocs houdt een kort verhaal over zijn of haar onderzoek en de rest geeft kritiek. De kunst is om onder dit retorische spervuur te blijven staan en de kritiek zo goed mogelijk te pareren. We liggen krom van het lachen. En mijn mensen worden hier steeds sterker in! I love my job.

JeroenGeurtsdagboek5.jpg

Die middag heb ik nog een mentorgesprek met een student en een overleg met collega’s uit Utrecht. We gaan scans maken van hersenmateriaal van reeds overleden patiënten met de ziekte multiple sclerose. In Utrecht staat een 7 Tesla scanner, een apparaat waarmee beelden van een zeer hoge resolutie kunnen worden vervaardigd. Het doel is om te onderzoeken of we bepaalde afwijkingen in de buitenste laag van de hersenen, de hersenschors, zo beter in beeld kunnen krijgen. We kunnen die afwijkingen dan gelijk controleren in het weefsel. Welke van de afwijkingen zien we op de scans? Welke niet? En waarom dan niet? Een mooi en belangrijk project.

Na dit overleg verexcuseer ik me en stap ik in de trein naar Maastricht. Ik ga met mijn vader naar een uitvoering van Beethoven’s vijfde symfonie, mijn favoriete stuk. Ik hou van de constant aanwezige creatieve onrust in dit werk, soms in volle hevigheid voelbaar, soms net onder de oppervlakte. Ik herken mezelf erin! Ik ontmoette de dirigent Ed Spanjaard een tijd geleden en claimde met mijn grote mond dat Beethoven 5 ‘bijna altijd verprutst wordt’ en dat ik ‘bij de eerste tonen al weet of ik vroegtijdig naar huis kan gaan’. Hij daagde me uit om hem precíes aan te geven hoe ik de symfonie wilde hebben en dan zou hij hem zo spelen. Heb ik gedaan. Hij ook. Was fantastisch.

Zaterdag

Terug naar Amsterdam en ’s avonds naar concert in het Concertgebouw met een vriend uit Duitsland die ons kwam bezoeken. Mahler 2. Wat een geweld. We waren laat met het bestellen van de kaartjes en zaten achter het orkest, in plaats van ervoor in de zaal. Ik zat pal achter de sectie hoorns. Luister Mahler een keer: die hoorns hebben geen kleine bijrol. Ach ja, het kan erger. Er zaten ook mensen achter de pauken.

Zondag

Beetje uitgeslapen. De katten wederom uit het keukenkastje gejaagd. Mijn filosofie opdrachten afgerond en opgestuurd. Mails beantwoord. Onrust over het feit dat er nog veel meer werk ligt dat ik eigenlijk ook wil afhandelen, maar het houdt nooit op en ik accepteer dat ik de klus nu niet ga klaren. Ik had me voorgenomen dit weekend even bij te komen van de drukte van de afgelopen weken. Wel nog even naar mijn maatje en medebestuurder van Brein in Beeld in Bussum voor overleg over een project. Daarna bij andere vrienden langs voor de derde verjaardag van hun dochtertje. En ’s Avonds date night: uit eten in ons favoriete restaurant in de stad. Terug door de vrieskou en thuis nog even vanuit bed Pauw en Witteman kijken met de krant op mijn iPad. Licht uit. Klaar voor een nieuwe week.

Lees ook deel 1


Ga terug naar de bovenkant van deze pagina
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie
Ga terug naar zoeken