De Jonge Akademie

Ga direct naar de inhoud
Ga direct naar de site navigatie
Ga direct naar zoeken

Week 10: dagboek van Hilde Bras

9 november 2012

Hoe verloopt een week (29 oktober tot 4 november) van wetenschapper Hilde Bras? Hilde Bras is verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen, waar zij onderzoek doet naar de invloed van familie op de daling van het kindertal in Europa vanaf 1850.

Maandag 29 oktober

Een thuiswerkdag vandaag, zoals op veel maandagen. Ik combineer mijn baan als universitair hoofddocent bij de afdeling Geschiedenis in Nijmegen met het co-ouderschap van mijn twee zoontjes van 8 en 10 jaar. Dat is niet altijd even gemakkelijk: een afdelingsvergadering  of een extra voetbalwedstrijd is snel gemist. Via de mail hoor ik dat onderzoekers bij managementwetenschappen, die een KP7 consortium aan het voorbereiden zijn, geïnteresseerd zijn in mijn deelname. Het gaat om een “call” over netwerken en sociale innovatie in Europa. Samenwerken met andere disciplines is onontbeerlijk om als onderzoeker vanuit een Letteren-discipline mee te dingen naar Europese subsidies die vooral maatschappelijk relevant onderzoek honoreren. De rest van de dag (en ’s avonds in de voetbalkantine, wanneer mijn jongste zoon training heeft) werk ik door aan een congrespaper.  Die moet uiterlijk morgen bij de discussiant zijn. Het congres van de Social Science History Association (SSHA) dat ik ieder jaar bezoek is dit keer in Vancouver. Ik vlieg er woensdag naar toe: nog een dag de tijd.  

Dinsdag 30 oktober


Nadat ik de jongens naar school heb gebracht, heb ik eerst een uur rijles. Dat rijbewijs moet er nu maar eens komen, want de reis Culemborg-Nijmegen per trein is behoorlijk lang. Officieel werk ik vier dagen per week en is dinsdag mijn ‘vrije dag’. Maar in de praktijk lukt dat bijna nooit.  Ook nu niet want de tijd dringt en die paper moet echt af. Dan krijg ik goed nieuws; ik ben aangenomen als co-editor in chief van The History of the Family: An International Quarterly, een belangrijk tijdschrift op mijn vakgebied. Dit is voor mij een nieuwe uitdaging die ik de komende jaren graag aanga. Een minder leuk bericht is dat het paper dat ik met een collega van de VU ter publicatie had aangeboden, eerst herwerkt moet worden voor men het verder in behandeling neemt. We hadden het paper eerst bij een ander tijdschrift aangeboden maar daar was het na zes maanden nog niet naar referenten doorgestuurd. We nemen nogmaals contact op met het tijdschrift van onze eerste keuze. En dan is het al weer drie uur en ga ik snel de jongens van school halen, naar pianoles met de jongste en vroeg koken om op tijd te zijn voor de voetbaltraining van de oudste. Het lukt me net niet om het paper helemaal af te krijgen, dus ik stuur het zonder conclusies naar de discussiant in de VS.
 
Cover van de History of the Family: An International Quarterly

Woensdag 31 oktober

 

’s Morgens breng ik de jongens naar school, pak mijn koffertje in en vertrek richting Schiphol. Vanuit de trein regel ik nog snel de ‘fotoshoot’ voor onze onderzoeksgroep die volgende week wordt gemaakt  voor een publiciteitscampagne van de faculteit. Ik vlieg samen met Yuliya, een van de promovendi in mijn VIDI-project over de invloed van familie op de daling van het kindertal in Europa vanaf 1850. Yuliya is een antropologe uit de Oekraïne; verder zijn de socioloog Bastian uit Duitsland en de historicus en econoom Paul binnen het project werkzaam. Het werken in een interdisciplinair team is inspirerend en leerzaam. We bestrijken samen zowel de historische als de hedendaagse periode  en combineren kwalitatief en kwantitatief onderzoek naar familienetwerken en vruchtbaarheid.  Ik had me voorgenomen in het vliegtuig een presentatie te maken voor mijn lezing van zondag, maar de ruimte voor een laptop blijkt beperkt. Luisterend naar muziek, denk ik alvast na over de opzet.  Na tien uur vliegen komen we aan in Vancouver. We installeren ons in het hotel en drinken nog een biertje. Als ik terug op mijn hotelkamer mijn mail open zie ik dat onze ingediende paper versneld in behandeling wordt genomen; de editor biedt zijn excuses aan, hij was de paper ‘kwijtgeraakt’.  

Donderdag 1 november

Om vijf uur ’s ochtends ben ik al wakker. Ik probeer nog wat te slapen, maar als dat niet lukt, ga ik er uit en begin aan mijn presentatie voor zondag. Vanmiddag geef ik eerst een andere lezing in een sessie over sociale klasse en de daling van het kindertal in de negentiende en de eerste helft van de twintigste eeuw. Die lezing heb ik gelukkig een maand geleden al eens gegeven op een congres in Sardinië, dus ik kan nu volstaan met het doornemen van het paper en de presentatie. Als ik klaar ben, ga ik me registeren in het congreshotel. Omdat ik al tien jaar naar het jaarlijkse congres van de SSHA ga, kom ik allerlei bekenden tegen. Gezellig om weer bij te praten en te horen waar iedereen mee bezig is. Dan snel door naar de sessie. In de papers van mijn collega’s uit Zweden, Canada en de VS staat de samenhang tussen de sociaaleconomische status van koppels en de keuze voor kleinere gezinnen centraal. Ik heb daarnaast ook gekeken naar de invloed van sociale netwerken; met wie gingen mensen om en hoe verspreidden nieuwe waarden, normen en informatie over geboortebeperking zich? De discussiant vindt mijn oplossing om via de getuigen op de huwelijksakte grip te krijgen op de sociale netwerken van echtparen innovatief en spoort de andere panelleden aan om in de toekomst ook dergelijke netwerkinformatie in hun modellen op te nemen.
 
Programmaboekje van het congres van de Social Science History Association (2012)

Vrijdag 2 november

Vandaag zijn mijn promovendi Paul en Bastian aan de beurt. Ze nemen deel aan een sessie over ruimtelijke verschillen in vruchtbaarheidsgedrag. Het is hun eerste presentatie op een groot, internationaal congres. Beiden presenteren hun verhaal op heldere wijze. Daar kan menig senior wetenschapper op deze conferentie niet aan tippen! De discussiant komt met pittig commentaar, maar ze houden zich goed staande. Dan is het tijd voor de netwerkbijeenkomst van het “Family History/Demography”netwerk. Hier worden suggesties verzameld voor sessies voor het congres van volgend jaar in Chicago. Als VIDI team stellen we een sessie voor over sociale netwerken en fertiliteit. Er zijn in totaal 18 netwerken bij de Social Science History Association variërend van economie tot religie. Het meeste onderzoek dat hier gepresenteerd wordt, bevindt zich op het snijvlak van de geesteswetenschappen en de sociale wetenschappen. Er komen dan ook wetenschappers uit allerlei disciplines op af: sociologen, antropologen, historici en geografen. ’s Avonds ga ik met mijn promovendi uit eten. We bespreken hoe de dag gegaan is, welke interessante papers we hebben gehoord en wie we hebben ontmoet.
 
Mijn promovendi Paul (l) en Bastian (r) in gesprek met de discussiant tijdens de sessie over ruimtelijke verschillen in vruchtbaarheidsgedrag


Zaterdag 3 november

Vannacht heb ik eindelijk goed geslapen en sta ik uitgerust op. De hele ochtend werk ik in mijn hotelkamer aan het controleren van de drukproeven van een bundel die ik samen met twee collega’s redigeer. Het boek moet naar de drukker want we willen het op 14 december aan de deelnemers en bezoekers van de Vijfde Dag voor de Historische Demografie uitdelen. De Dag is een initiatief van de door de FWO (Vlaamse NWO) gefinancierde Wetenschappelijke Onderzoeksgemeenschap (WOG) Historische Demografie, waarin Vlaamse en Nederlandse gezinshistorici en historisch demografen samenwerken. We organiseren cursussen in de nieuwste methoden, schrijven gezamenlijke onderzoeksaanvragen en publiceren samen.  Deze internationale samenwerking is zeer vruchtbaar  en regelmatig reis ik naar Leuven af voor een bijeenkomst van de WOG. Om 18 uur ga ik weer naar het congreshotel voor de “presidential address”en de officiële receptie. Daarna gaan we met een groepje migratiehistorici dansen, vaste prik op de SSHA zaterdagavond. Dit jaar komen we terecht in een salsaclub gehuisvest in een prachtig negentiende-eeuws pand met grote ramen en een glanzende parketvloer. We doen eerst mee met een workshop salsadansen en mengen ons dan op de dansvloer. Heerlijk, even wat anders! 



Zondag 4 november

Vroeg op want mijn sessie over ‘Euraziatische families, volksgeloof en religie in vergelijkend perspectief’ begint al om acht uur ‘s ochtends. Mijn promovenda Yuliya presenteert haar eerste resultaten van het veldwerk dat ze afgelopen zomer heeft gedaan in het westen en oosten van de Oekraïne. Ik heb een paper over religieuze rituelen en volksgeloof en de invloed daarvan op  het kindertal. In historisch-demografisch onderzoek naar religie en fertiliteit wordt meestal slechts het kerkgenootschap als indicator meegenomen. Een andere belangrijke factor, religiositeit of de mate van religieuze betrokkenheid, is veel moeilijker te bepalen voor het verleden.

In deze paper probeer ik religiositeit te meten door naar het al dan niet plaatsvinden van (volks)religieuze rituelen te kijken (o.a. eerste kerkgang van vrouwen en geloof in beheksing van pasgeboren kinderen). Ik heb daarvoor de volkskundevragenlijsten gebruikt die tussen 1934 en 1989 mede onder leiding van Voskuil (Het Bureau) door het Meertens Instituut zijn verzameld. Het doel van die vragenlijsten was destijds om een beeld te krijgen van de geografische spreiding van culturele verschijnselen in Nederland. Totnogtoe is er echter niet veel mee gedaan; de lijsten zijn keurig opgeborgen in het archief en slechts een klein deel ervan is gedigitaliseerd. Met behulp van een student-assistent heb ik de antwoorden van de ca. 1100 informanten op een aantal vragen uit de vragenlijst van 1941 over gebruiken rond zwangerschap en geboorte ingevoerd. De aldus verkregen data heb ik gekoppeld aan gemeentelijke geboortecijfers en gegevens over de economische ontwikkeling en religieuze samenstelling van plaatsen, afkomstig uit de Historische Databank Nederlandse Gemeenten.

Uit mijn analyse blijkt dat in gemeenten waar (volks)religieuze rituelen en overtuigingen (nog) gangbaar waren (met name kerkgang onder Katholieke vrouwen en geloof in de benadeling van jonge kinderen door verwensingen of toverij) de geboortecijfers hoger lagen, zelfs na controle voor een hele serie van andere factoren die het vruchtbaarheidsniveau beïnvloedden, zoals de economische structuur en de religieuze samenstelling van gemeenten. Na nog een laatste sessie nemen we de taxi naar het vliegveld en keren we na een inspirerend congres weer terug naar huis. Op Schiphol staat mijn geliefde al op me te wachten.


In de lobby van het congreshotel na mijn laatste lezing.


Ga terug naar de bovenkant van deze pagina
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie
Ga terug naar zoeken