De Akademiethermometer: veel mentale klachten onder academici

27-08-2026

De mentale gezondheid van met name internationale en startende wetenschappers komt in de knel door onder meer publicatiedruk en baanonzekerheid. De Jonge Akademie roept universiteiten op om de cultuur van overwerk aan te pakken en meer aandacht te besteden aan werkgeluk en mentaal welzijn.

De akademiethermometer: resultaten

Hoewel de meeste Nederlandse academici hun werk waardevol en zinvol vinden, kan het werk aan een onderzoeksinstituut of universiteit ook leiden tot mentale klachten. De Jonge Akademie onderzocht in De Akademiethermometer de mentale gezondheid van bijna tweeduizend Nederlandse academici en concludeert dat deze gezondheid onder druk staat. In het onderzoek zijn de resultaten vergeleken met onderzoeken onder de algemene bevolking. Hieruit blijkt dat academici een diepgevoelde intrinsieke motivatie voor hun vak hebben, maar dat ze ook meer last hebben van klachten als depressie en stress. Deze klachten leggen groot beslag op de denkcapaciteit van wetenschappers en moeten daarom aangepakt worden.

Ongeveer een kwart van de bijna tweeduizend academici die meewerkten aan het onderzoek heeft depressieve en/of angstklachten en meer dan twee derde ervaart stressklachten. Depressie-, angst- en stressklachten hangen samen met sociale onveiligheid, publicatiedruk en tijdelijke contracten, zo blijkt uit het onderzoek. Er is een duidelijk verschil te zien tussen enerzijds universitair docenten (ud’s), postdocs en promovendi en anderzijds hoogleraren en universitair hoofddocenten (uhd’s): startende wetenschappers ervaren meer mentale klachten en minder werkgeluk. Ditzelfde geldt voor academici die niet in Nederland zijn opgegroeid. 

Werkgeluk

Tegelijkertijd ervaren de deelnemende academici – in alle functies – ook veel werkgeluk en een diepe motivatie voor hun werk. Twee derde van de deelnemende academici heeft een ‘passie’ voor het doen van onderzoek en bijna 90 procent vindt hun onderwerp ‘extreem interessant’. Deze bronnen van werkgeluk kunnen een positieve invloed hebben op de mentale gezondheid. Dit werkgeluk wordt gehaald uit het doen van nieuwsgierigheidsgedreven onderzoek, de autonomie en vrijheid die samengaan met een wetenschappelijke baan, het samenwerken met collega’s en studenten, en het gevoel een zinvolle bijdrage te leveren aan de maatschappij. Ook een gevoel van controle, een groot steunsysteem of het hebben van thuiswonende kinderen kunnen mogelijke beschermende factoren zijn, zo blijkt uit het onderzoek.

Aanbevelingen

Wetenschappers functioneren beter met een gezond brein, het belangrijkste instrument dat ze voor hun werk nodig hebben. Daarom doet De Jonge Akademie zes aanbevelingen voor een gezonde academie, waarin wetenschappelijke kwaliteit en mentaal welzijn hand in hand gaan.

1.    Breid de aandacht voor de mentale gezondheid van promovendi uit naar postdocs en ud’s

Er is de afgelopen jaren veel aandacht geweest voor de mentale gezondheid van promovendi. Uit het onderzoek blijkt dat ook de mentale gezondheid van postdocs en ud’s meer aandacht verdient.

2.    Bied meer transparantie en helderheid over loopbaanperspectief

Voor postdocs en ud’s lijkt langdurige onzekerheid (als gevolg van tijdelijke contracten) samen te hangen met slechter welzijn. Ze zouden gebaat zijn bij meer transparantie over loopbaanperspectief en verwachtingen, en eerdere duidelijkheid over doorgroeimogelijkheden.

3.    Verbeter de onderzoekscultuur 

Mentale klachten hangen samen met een prestatiegerichte academische cultuur van overwerk, vele taken, publicatiedruk en sociale onveiligheid. Deze maatregelen zouden die cultuur kunnen verbeteren: structurele reflectie onder jonge onderzoekers, intervisie, en onboarding van (buitenlandse) postdocs en ud’s. Heldere gedragscodes en transparante normen over overwerken en bereikbaarheid moeten hier een onderdeel van zijn. Deze maatregelen dragen bij aan een individueel gevoel van controle, wat weer bijdraagt aan een goede mentale gezondheid. Ook heeft het een positieve invloed op de ervaren sociale veiligheid.

4.    Stimuleer sociale contacten en het nemen van hersteltijd

Juist in een drukke baan is hersteltijd belangrijk. Instellingen kunnen daaraan bijdragen door sociale activiteiten actief te stimuleren en het belang van vrije tijd expliciet te benoemen in de werkcultuur, met bijzondere aandacht voor promovendi, postdocs, ud’s en internationale wetenschappers. 

5.    Geef meer aandacht aan factoren van werkgeluk in beoordelingsgesprekken

Intellectuele uitdaging, creativiteit, nieuwsgierigheid, passie, samenwerken en bijdragen aan de samenleving zijn de meest genoemde bronnen van werkgeluk. Instellingen moeten hier expliciet ruimte voor bieden tijdens beoordelings- en jaargesprekken.

6.    Blijf investeren in goed academisch leiderschap

Leiders spelen een belangrijke rol bij de implementatie van deze aanbevelingen, door bijvoorbeeld taakomvang, prestatieverwachtingen of welzijn expliciet te maken en te bespreken.

Download het rapport

Bijeenkomst - praat mee over mentale gezondheid in de academische wereld

Op 23 september 2026 worden de uitkomsten en aanbevelingen uit De Akademiethermometer besproken tijdens een bijeenkomst in het Trippenhuis van de KNAW. Meer informatie over de bijeenkomst en aanmelding is hier te vinden

Aanmelden

Over De Akademiethermometer

Dit is het eerste onderzoek naar de mentale gezondheid van Nederlandse academici in een grote groep, waarbij er anoniem meegedaan kon worden door wetenschappers in alle functies, met gevalideerde vragenlijsten voor het meten van mentale gezondheid. Het is ook het eerste onderzoek onder Nederlandse academici waarbij gekeken werd naar de samenhang met arbeidsomstandigheden, sociale veiligheid en positieve factoren. Aan het onderzoek konden wetenschappers meedoen die onderzoek doen of onderwijs geven aan een universiteit, universitair medisch centrum, of wetenschappelijk instituut. De resultaten zijn vergeleken met die van onderzoeken naar mentaal welzijn onder de Nederlandse bevolking.

Op het moment dat De Akademiethermometer verschijnt, loopt er nog een onderzoek van De Jonge Akademie naar de werkprivébalans van wetenschappers. Het onderzoek ‘Wie blijft, wie vertrekt’ is nog in te vullen en geeft inzicht in redenen waarom mensen de wetenschap verlaten.

Afbeeldingen

Contact 

De Jonge Akademie
LinkedIn
X
020 551 0867

dja@knaw.nl

Ga naar contact

Over

De Jonge Akademie zet zich in voor de toekomst van de wetenschap: ze draagt de waarde van wetenschap uit en verbetert het wetenschapssysteem. Dit platform van vijftig bevlogen academici onderzoekt, adviseert, verspreidt kennis en brengt mensen bij elkaar. Dit alles met oog en oor voor jonge wetenschappers.

Meer over De Jonge Akademie  > 

 

Cookie-instellingen