De Jonge Akademie

Ga direct naar de inhoud
Ga direct naar de site navigatie
Ga direct naar zoeken

Week 24: dagboek van Lotte Jensen

25 februari 2013

Weekdagboek van een wetenschapper: Lotte Jensen (RU) van 18 februari tot en met 24 februari 2013. Lotte bestudeert de rol van cultuurgeschiedenis bij de totstandkoming van de Nederlandse identiteit.

Maandag

We hebben net een week vakantie gehad en dan is het altijd weer even wennen. Uitgerekend vandaag slapen de jongens lang uit, terwijl ze het de hele vakantie lang gepresteerd hebben ruim voor zeven uur wakker te worden. Hoe kienen ze dat toch uit? Om half acht maken we Lars (6) en Tycho (4) daarom zelf maar wakker, zodat ze op tijd naar school kunnen. Vandaag brengt mijn partner ze weg, dus kan ik al vroeg beginnen. ’s Ochtends werk ik thuis, wat lekker rustig opstarten is. Nadat ik wat e-mails heb beantwoord, reageer ik op een oproep van de Groene Amsterdammer. Ze voeren een grootschalig onderzoek uit onder geesteswetenschappers en willen graag weten wat de belangrijkste ontwikkelingen binnen de verschillende disciplines zijn. Normaal gesproken zou ik zo’n algemene oproep onbeantwoord laten, maar ik word getriggerd door de hoofdvraag uit de oproep: wat is het belang van de geesteswetenschappen? Eerder heeft De Groene Amsterdammer een soortgelijk onderzoek onder bètawetenschappers uitgevoerd en toen luidde de belangrijkste vraag: wat zijn de tien belangrijkste doorbraken in uw vakgebied? In mijn reactie schrijf ik dat ik het ontzettend jammer vind dat wij geesteswetenschappers gevraagd worden om het belang van ons werkterrein te verdedigen, terwijl dat kennelijk geen vraag is die aan bètawetenschappers gesteld hoeft te worden. Zo worden de geesteswetenschappers automatisch weer in een hoek gedreven. Kennelijk moeten we onze werkzaamheden eerst verantwoorden, voordat we over mooie ontdekkingen mogen vertellen. En dat terwijl wij drie van de belangrijkste pijlers van onze samenleving bestuderen: taal, media en geschiedenis.

Als mijn stukje af is, begin ik aan een leesrapport van een proefschrift van een promovenda uit Gent over Scandinavische vertalingen in Nederland in de periode 1860-1940. Omdat ik een tijdje in Gent als gasthoogleraar heb gewerkt en mijn expertise op het terrein van de Nederlandse letterkunde ligt, ben ik gevraagd zitting te nemen in de leescommissie. Ik begin net op gang te komen, als de kinderen om 12.30 uur thuis komen van school. We lunchen samen en daarna vertrek ik per fiets en trein richting Radboud Universiteit. Daar heb ik een reeks afspraken staan, onder andere met mijn twee promovendi uit mijn Vidi-project. Dit project gaat over Nederlandse identiteitsvorming in tijden van oorlog en vrede, in de periode 1648-1815. We bespreken onze plannen voor het komende half jaar en zetten de contouren uit voor een gemeenschappelijk artikel dat we willen schrijven over de theoretische kaders van ons onderzoek. Om 17 uur ga ik door naar mijn volgende afspraak met een student uit de researchmaster literatuurwetenschap, die een eerste opzet voor zijn scriptie heeft gemaakt. Om 18 uur fiets ik naar het station. Ik ben net op thuis om een staartje van het Jeugdjournaal mee te kijken met de kinderen. Het gebruikelijke bedritueel volgt en daarna ga ik naar het sportcentrum voor mijn wekelijkse avondje tafeltennis. Een ontspannende afsluiting van de dag.

Dinsdag

Ik werk opnieuw thuis in de ochtend en maak direct het leesrapport af waar ik gisteren mee begonnen was. Ik ben er langer mee bezig dan gedacht, maar vlak voor lunchtijd kan ik het dan toch versturen. Na de lunch word ik gebeld door Hoe?Zo! Radio voor een voorgesprek voor een interview. Alle nieuwe leden van De Jonge Akademie zijn door dit programma benaderd en volgende week ben ik aan de beurt. Direct daarna belt een journalist van Trouw, die graag een afspraak wil voor een interview over mijn boek dat morgen verschijnt over het Nederlandse verzet tegen Napoleon. We maken een afspraak en om 15 uur fiets ik snel naar het station om de trein naar Nijmegen te pakken. Op de universiteit heb ik een afspraak met iemand van de communicatie-afdeling, die graag een nieuwsbericht wil maken over het boek. We praten een uurtje over mijn uit de hand gelopen passie voor Napoleon, het Nederlandse protest tegen de Franse keizer en de Nederlandse identiteit in heden en verleden. Een onderhoudend gesprek.

Ik moet me haasten naar het station voor mijn eetafspraak. Ik heb in een restaurant in Elst afgesproken met een vriendin, die bovendien een naaste collega is. We kletsen eerst uitvoerig bij onder het eten en zetten dan de contouren uit voor twee handboeken Europese literatuurgeschiedenis. Om 21 uur fiets ik snel naar huis, waar de oppas mij vertelt dat beide jongens net huilend wakker zijn geworden. De oudste, omdat hij dacht dat er een inbreker in zijn kamer was en de jongste omdat hij de oudste hoorde huilen. Als ik bij ze ga kijken, liggen ze diep te slapen. Ik kijk nog wat televisie – ik heb de serie De Gouden Eeuw opgenomen –, luister wat radio en besluit op tijd naar bed te gaan.

Woensdag

Vandaag is een bijzondere dag, want vanmiddag wordt mijn nieuwe boek gepresenteerd in SPUI25 in Amsterdam, getiteld Verzet tegen Napoleon (Uitgeverij Vantilt, Nijmegen). Rond 10 uur vertrek ik richting Amsterdam, waar ik een afspraak heb met een journalist van het Historisch Nieuwsblad. Daarna bezoek ik de tentoonstelling 1001 Vrouwen op de afdeling Bijzondere Collecties in Amsterdam. De tentoonstelling is gemaakt naar aanleiding van het verschijnen van een naslagwerk over opmerkelijke vrouwen uit de Nederlandse geschiedenis. Els Kloek en haar team hebben een indrukwekkende prestatie geleverd met hun fraaie boek en tentoonstelling. Ik heb zelf lemma’s aangeleverd over de 17e-eeuwse dichteres Titia Brongersma, de dichtende dienstmaagd Francijntje de Boer en de actrice Anna Petronella Muller-Westerman. Tot mijn vreugde zie ik dat de laatste twee een heel mooi plaatsje op de tentoonstelling hebben gekregen.

Om 14.45 uur haal ik mijn partner en zoon op van het station. De jongste hebben we bij de buren weten onder te brengen, die op dit soort momenten altijd voor ons klaar staan. Het is de eerste keer dat mijn zoon in het centrum van Amsterdam loopt en uitgerekend hij ontdekt op straat een grote wijnfles waar Napoleon op staat. We eten een feestelijk taartje met z’n allen en arriveren om 15.30 uur bij SPUI25, waar de eerste bezoekers zich al gemeld hebben. Om 16 uur begint het festijn, de zaal is helemaal uitverkocht. Nelleke Noordervliet trapt af met een aanstekelijk verhaal over de militante activiste Maria Aletta Hulshoff, die vanwege haar opruiende activiteiten tegen Napoleon verschillende malen in het gevang belandde. Joep Leerssen, hoogleraar Europese studies, plaatst de Nederlandse verzetsactiviteiten in een breder Europees perspectief. Marita Mathijsen, emeritus hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde, verrast het hele publiek door in de huid van een negentiende-eeuwse verslaggever te kruipen. Zij becommentarieert de intocht van Napoleon in oktober 1811, begeleid door schitterende afbeeldingen. Eric Moormann declameert tussen de voordrachten door enkele verzetsgedichten en oogst veel lof. Na de voordrachten is het tijd om aan Nelleke Noordervliet het eerste exemplaar aan te bieden en daarmee is het boek officieel ten doop gehouden.

Lotte Jensen dagboek 1.jpg

Als verrassing biedt de neerlandicus Rinus van Hattum het hele publiek nog een gratis boek aan over de dichter Jan Frederik Helmers, vanwege diens 200ste sterfdag op 26 februari 2013. Tegenwoordig kennen mensen hem vooral van de eerste, tweede en derde Helmersstraat in Amsterdam, maar vandaag wordt hij nog even extra in het zonnetje gezet. Dan is het tijd om te borrelen en na te praten met iedereen. Zoonlief deelt opgetogen aan alle bezoekers ‘napoleonnetjes’ (zuurtjes) uit. Hij maakt ook van iedereen foto’s. Na afloop eet ik nog wat met een vriendin bij een Italiaans restaurant, en dan reis ik terug met de trein naar Elst. Thuis nog wat napraten en nagenieten van de feestelijke middag.

Donderdag

Ik verslaap me bijna, maar de jongens maken me gelukkig net op tijd wakker. Vandaag breng ik ze naar school, en dat betekent dat ik pas rond 9 uur thuis de computer aanzet. Ik heb grootse plannen om aan een inleiding voor een boek over oorlogsliteratuur te werken, maar ik bak er weinig van. Mijn hoofd zit nog te vol van het feest van gisteren, dus ik besluit wat kleine klusjes te doen. Eerst maar een artikel herschrijven dat ik heb teruggekregen, vervolgens een vragenlijst over interdisciplinariteit invullen en wat mailtjes versturen. Ik probeer, als het even kan, ’s ochtends thuis te schrijven, en ’s middags mijn afspraken te plannen. Nu ik dankzij de Vidi relatief weinig onderwijs geef, lukt dat vrij aardig en dat komt de productiviteit erg ten goede.

Rond 14 uur vertrek ik naar de faculteit voor een stafvergadering. Daar komt een buitengewoon ingewikkeld nieuw rekenmodel voor het onderwijs ter sprake. De bedoeling is niet langer in uren te rekenen, maar in punten. Je krijgt dan per activiteit (scriptiebegeleiding, werkgroep, hoorcollege, commissiewerk) punten totdat je je maximum hebt bereikt. Bij een fulltime-aanstelling gaat het om 1650 punten in totaal. Ik zie alle collega’s rekenen om te kijken of het voordeliger uitpakt dan bij het oude systeem. Maar ik denk ook: wat maken we het onszelf toch nodeloos ingewikkeld. Arme opleidingscoördinator die nu van alle medewerkers afzonderlijk puntenlijstjes moet gaan zitten optellen en dan vervolgens weer in conclaaf moet met medewerkers over te weinig of teveel puntjes.

Ik vertrek iets vroeger naar huis dan gewoonlijk om op tijd bij de kinderen te kunnen zijn, want mijn partner heeft avonddienst. De kinderen en ik volgen het gebruikelijke avondritueel: eerst Klokhuis kijken, dan Jeugdjournaal, dan naar boven, tandenpoetsen en voorlezen. Om 19.30 is de rust wedergekeerd en kijk ik het Journaal. Ik twijfel of ik nog wat zal gaan werken – er ligt werk genoeg – maar besluit dat een vrije avond ook geen kwaad kan en geef toe aan mijn gevoel van luiheid. Zappend voor de televisie gaat de avond voorbij. Rond 23.30 uur naar bed met het voornemen morgen weer wat productiever te zijn.

Vrijdag 

Vandaag start ik met een vergadering van de onderzoekscoördinatoren om 9.15 uur. Het is de maandelijkse vergadering van de coördinatoren van de universitaire onderzoeksprogramma’s en ik zit daar namens Memory: Cultural and Religious Identities. We krijgen bezoek van een hoogleraar taalbeheersing die ons vertelt hoe zij de afgelopen twee jaar hun onderzoeksprogramma’s hebben geherstructureerd. Een heel interessante bijeenkomst, die veel stof tot discussie en nadenken geeft. We besluiten er de volgende vergadering verder over te spreken.

Om 11 uur fiets ik naar het station waar ik de trein naar Amsterdam-Zuid pak. Op de VU begint namelijk om 13 uur het jaarlijkse symposium van de Bilderdijkvereniging. Dat is een vereniging met zo’n 140 leden die de studie naar Willem Bilderdijk, een van de meest prominente dichters uit de negentiende eeuw, probeert levend te houden,. Vandaag spreekt mijn promovendus daar over het politieke verzet tegen de verplichte dienstplicht die Napoleon overal in zijn keizerrijk oplegde. Hij doet het prima en krijgt goede vragen uit de zaal. Om 17 uur haast ik me terug naar de trein in de hoop nog net op tijd thuis te kunnen zijn voor het eten met de kinderen. Helaas gooit de NS roet in het eten, want er is een storing tussen Arnhem en Nijmegen. Grote chaos op station Arnhem, maar uiteindelijk vertrekt er toch nog een trein richting Elst en om 19 uur ben ik thuis. De jongens zijn nog op en kletsen honderduit over wat ze vandaag hebben meegemaakt, terwijl ik zit te eten. Daarna kruip ik nog even achter de computer om mijn mailachterstand weg te werken en een artikel te herzien. Om 22 uur is het hoog tijd om het weekend in te luiden met een goed glas wijn.

Zaterdag

Op zaterdag werk ik vrijwel nooit, maar staan de kinderen centraal. Het voetbalseizoen is nog niet begonnen, dus we maken gebruik van de gelegenheid om op pad te gaan. We hebben afgesproken met een vriend bij Madurodam om zijn verjaardag te vieren en vertrekken al vroeg. Na het bezoek aan Madurodam rijden we nog even langs bij mijn moeder, die blij is de kleinkinderen weer te zien. Om 16 uur word ik in de auto op de terugweg gebeld door het radioprogramma Met het oog op morgen met de vraag of ik zin heb die avond iets te vertellen over de 200ste sterfdag van Jan Frederik Helmers. Ik aarzel vanwege het late tijdstip, maar het lijkt me ook erg leuk. ’s Avonds laat reis ik dus af naar Hilversum, waar ik om 23.45 in de uitzending kom. Rond half één ’s nachts word ik naar een hotel in Hilversum gereden. Ik blijf daar overnachten, omdat ik de volgende ochtend weer een radio-uitzending heb. Ik realiseer me direct dat dit absoluut geen representatief dagboek meer gaat opleveren, want twee radio-uitzendingen zo kort na elkaar heb ik nooit eerder gehad. Maar zo’n kans om een vergeten negentiende-eeuwse dichter weer onder de aandacht van het grote publiek te brengen mag je natuurlijk niet laten lopen!

Zondag

’s Ochtends begint om 10 uur de radio-uitzending van OVT (Onvoltooid Verleden Tijd) van de VPRO. Het is een van mijn favoriete programma’s, omdat er veel tijd wordt uitgetrokken voor recent historisch onderzoek. Ik vind het dus extra leuk om daar over mijn nieuwe boek te mogen komen vertellen. Grappig genoeg zit Nelleke Noordervliet ook in die uitzending, dus we praten nog wat na over de presentatie van afgelopen woensdag. Er is ook een gast die over schedelmetingen in Nederlands-Indië komt vertellen. Al bij al een heel geslaagde afwisselende uitzending, dus tevreden reis ik weer terug naar huis. Daar wachten de jongens mij op en de rest van de middag is voor hen.

’s Avonds bereid ik mijn eerstejaars hoorcollege voor, dat zal gaan over achttiende-eeuwse Nederlandse literatuur. Dat college heb ik al vaker gegeven, dus ik ben er gelukkig snel mee klaar. Verder lekker ontspannen. Morgen een nieuwe werkdag.

Verzet tegen Napoleon

Uitreiking eerste exemplaar aan Nelleke Noordervliet

KNAW


Ga terug naar de bovenkant van deze pagina
Ga terug naar de inhoud
Ga terug naar de site navigatie
Ga terug naar zoeken